Staatssteun voor luchtvaartmaatschappijen: niet zonder sociale en klimaatgaranties

Persbericht van de Bond Beter Leefmilieu en andere milieuorganisaties.  “Brussels Airlines, TUI Fly Belgium en Air Belgium vragen honderden miljoenen overheidssteun om de klappen van de coronacrisis op te vangen. Bond Beter Leefmilieu, Inter-Environnement Wallonie, Greenpeace en Zomer Zonder Vliegen vragen dat politici voorzichtig omspringen met overheidsgeld. De minimumvoorwaarde bij een reddingsoperatie is dat de fiscaliteit voor de luchtvaart verandert (bv. invoering kerosinetaks) en de sector eindelijk een faire bijdrage levert aan het aanpakken van de klimaatcrisis (d.w.z. naar nuluitstoot evolueren voor 2050, door een combinatie van technologische innovatie en minder vliegbewegingen). De steun moet tijdelijk zijn en allereerst het personeel helpen. “

“Elke reddingsoperatie van de staat moet gericht zijn op jobzekerheid voor de werknemers en de voorbereiding van een geleidelijke en geplande transformatie van de luchtvaart. Dit impliceert een eerlijke bijdrage van de sector aan de klimaatdoelstellingen van het Akkoord van Parijs en aan sociale rechten via een eerlijk belastingstelsel. Binnen Europa betekent dat inzetten op duurzame mobiliteit en de trein als de manier bij uitstek om landen op een klimaatvriendelijke en efficiĆ«nte manier met elkaar te verbinden.”

Uitzonderlijke omstandigheden

De coronacrisis stort veel sectoren, werkgevers, werknemers en zelfstandigen in economische en sociale onzekerheid. De luchtvaartsector, die de afgelopen jaren gestaag groeide, is bijzonder kwetsbaar. De International Air Transport Association (IATA) schat dat bijna 25 miljoen directe banen in het luchtvervoer bedreigd worden.

Veel werknemers zijn technisch werkloos en verschillende luchtvaartmaatschappijen overleven de crisis misschien niet. Maar ook in goede tijden is de sector afhankelijk van overheidssteun: staatssteun aan luchthavens, lowcost luchtvaartmaatschappijen en infrastructuur die luchthavens met naburige steden verbindt, maar ook belastingvrijstellingen zoals voor btw op internationale vluchten en voor kerosine. Die voordelen kwamen er hoewel slechts een (vermogende) minderheid van de bevolking vaak vliegt, en de luchtvaart de afgelopen decennia de snelst groeiende bron van broeikasgasemissies in Europa vormde en ook geluidshinder en luchtvervuiling veroorzaakt. Bovendien bleek in het verleden al dat na elke crisis de vraag naar vliegtickets over het algemeen terugkeert naar het niveau van voor de crisis en vervolgens opnieuw stijgt.

Om al deze redenen zijn we geen voorstander van overheidssteun voor luchtvaartmaatschappijen. Maar we begrijpen dat uitzonderlijke omstandigheden om uitzonderlijke maatregelen vragen.
We roepen daarom alle beleidsmakers op een vooruitziende blik te hanteren, door een gezond en sociaal rechtvaardig economisch herstel in lijn met de Europese Green Deal na te streven. Dat kan door voldoende te investeren en overheidssteun te oriĆ«nteren naar een veerkrachtige, rechtvaardige en duurzame economie in lijn met sociale rechten, koolstofneutraliteit, circulaire economie en het behoud van biodiversiteit. Staatssteun aan de luchtvaartsector mag alleen onder de volgende voorwaarden worden verleend. (…)

Staatssteun in ruil voor een eerlijke bijdrage aan de samenleving

Luchtvaartmaatschappijen kunnen geen belastinggeld verwachten in slechte tijden en tegelijk zelf geen belastingen betalen in goede tijden. Staatssteun mag alleen worden toegekend als zij op hun beurt een eerlijke bijdrage aan de staatskas leveren zodra de crisis voorbij is. De toe te passen belastingen moeten betrekking hebben op alle ondernemingen die op Belgisch grondgebied actief zijn en niet alleen op de ondernemingen die steun aanvragen.

Voer een kerosinetaks in

Het belastingvoordeel voor de luchtvaart door de vrijstelling van belasting op vliegtuigbrandstof wordt geschat op 27 miljard euro per jaar op Europees niveau en 500 miljoen euro per jaar op Belgisch niveau. De status van Europa als belastingparadijs voor kerosine is onverdedigbaar. Een heffing op kerosine is ook essentieel om de klimaatverandering te bestrijden.

Een toezegging van de luchtvaartsector om na de crisis een kerosinetaks te betalen moet een essentieel onderdeel uitmaken van elke overeenkomst die wordt afgesloten m.b.t. staatssteun. Dit geldt zowel voor een kerosinetaks op Europees niveau, als voor een kerosinetaks die via bilaterale akkoorden tussen lidstaten wordt afgesproken.

Voor de invoering van een kerosinetaks op Europees niveau is een herziening van de Europese Energy Taxation Directive nodig. We vragen Belgische beleidsmakers hiervoor te pleiten op Europees niveau. Evenals voor de invoering van btw op vliegtickets.

Als in deze zaken op Europees niveau binnen het jaar geen noemenswaardige vooruitgang geboekt wordt, vragen wij de regering samen te werken met overheden van de buurlanden om accijnzen in te voeren op kerosine voor vluchten van land naar land door middel van bilaterale overeenkomsten, in overeenstemming met artikel 14.2 van de Energy Taxation Directive. Ook een tickettaks kan nationaal worden ingevoerd.

De meeste van onze buurlanden deden dit overigens al (Frankrijk en Duitsland), of plannen dit te doen (Nederland). Bij een vliegtaks pleiten we voor een Frequent Flyer Levy: een bedrag dat verhoogt naarmate je meer vliegt. Beleidsmakers dienen de economische, sociale en milieu-impact van de opgelegde taksen op regelmatige basis te evalueren en de bedragen bij te stellen indien de beoogde doelstellingen (bv. verminderen klimaatimpact) niet gehaald worden.

Ontdek de volledige policy briefing